De Europese Commissie heeft opnieuw een voorstel afgewezen om de F-gasverordening eerder dan in 2030 te herzien. Volgens Wopke Hoekstra, eurocommissaris voor Klimaat en Groene Groei, leidt het naar voren halen van de evaluatie tot ‘beleidsonzekerheid’ voor fabrikanten.

Eerder verzocht een Italiaans Europarlementslid de Commissie om de voor 2030 geplande evaluatie van de F-gassenverordening naar voren halen, vanwege de inzakkende verkoop van warmtepompen. Dat verzoek werd door Hoekstra afgewezen, omdat er volgens hem geen verband bestaat tussen de F-gassenverordening en de verkoopcijfers van warmtepompen.
Onlangs diende een Roemeense Europarlementariër een nieuw verzoek tot vervroegde evaluatie in, en hij gebruikte een soortgelijke argumentatie als zijn Italiaanse ambtgenoot. Voor het bereiken van Europese klimaatdoelen is grootschalige uitrol van warmtepompen nodig, zo stelt hij, en die uitrol zou worden belemmerd doordat de markt tot 2030 – het jaar waarin de F-gassenverordening wordt geëvalueerd – met onzekerheden kampt.
‘Helder signaal’
In reactie op het nieuwe verzoek geeft eurocommissaris Hoekstra aan dat de Commissie vasthoudt aan de geplande evaluatie in 2030. Volgens Hoekstra heeft de F-gassenverordening een ‘helder signaal’ aan de fabrikanten van groene technologie gegeven. “Als we de regeling al een jaar na invoering evalueren, zou dat de beleidszekerheid voor die bedrijven wegnemen.” Hij stelt dat de voor 2030 geplande review van de kostenefficiëntie van de verordening zinvol blijft “om continuering te waarborgen van reductiebeleid dat in lijn is met de Europese klimaatdoelstellingen, en tegelijkertijd innovatie in deze cruciale sectoren te ondersteunen.”
Leestip: Eerder dit jaar zijn drie typen koeltechnische apparaten voorlopig uitgezonderd van geldende productverboden in de F-gassenverordening.

