De Oostenrijkse energieleverancier Wien Energie heeft op de nieuwe campus van de MedUni-universiteit in Wenen zijn achtste stadskoelingcentrale in gebruik genomen. Opvallend bij deze centrale is de toepassing van een ‘ijsspeicher’.

De koelcentrale voorziet via het stadskoelingnet niet alleen de toekomstige campus, maar ook verschillende omliggende gebouwen van duurzame koeling. De benodigde koude wordt deels opgewekt middels een ‘ijsspeicher’ die drie conventionele koelmachines ontlast. In dit geval bestaat de speicher uit een geïsoleerde watercontainer van circa tien meter lang. Het water in de container wordt bevroren door koudemiddelleidingen. Vervolgens komt de opgeslagen koude weer vrij bij ontdooiing, waarna hij via warmtewisselaars aan het stadskoelingnetwerk wordt geleverd.
IJsspeicher vangt piekvraag op
Het volledige stadskoelingnetwerk in Wenen levert via geïsoleerde leidingen water van 5 tot 6 °C aan gebouwen, als alternatief voor decentrale airconditioning. Op het net zijn onder andere het stadhuis en de universiteit van Wenen, een aantal culturele instellingen en enkele hotels aangesloten. Volgens Wien Energie maakt de ijsspeicher dit systeem efficiënter door piekvraag op te vangen. Bij een lage koelvraag – met name ’s nachts – wordt de buffer geladen, zodat hij bij piekvraag overdag koude kan leveren om te zorgen dat de koelmachines minder elektrisch vermogen trekken.
Combinatie met LT-stadswarmte
De Weense stadskoeling maakt deel uit van een groter energieconcept waar ook een LT-stadswarmtenet in is opgenomen. Zo wordt de restwarmte van koelmachines gebruikt als bron van centrale warmtepompen die het warmtenet voeden. De warmtepomp in de koelcentrale op de universiteit zou in ieder geval ’s zomers in de volledige warmtevraag van de toekomstige campus moeten kunnen voorzien. Volgens Wien Energie bespaart de nieuwe centrale jaarlijks 1.000 ton CO₂ aan emissies, vergelijkbaar met de opnamecapaciteit van 80.000 bomen.

